Archive for ‘Training & coaching’

14 juli 2014

Compromisloze onderhandelpolitiek

We waren het toch gewend, zou je zeggen. Het polderen zit in onze politieke en bestuurlijke genen. Maar dat gold eigenlijk tot nu toe alleen tussen het openbaar bestuur en de wereld daarbuiten. De coalities waren vrij overzichtelijk en konden met enig onderhandelen achter de schermen regeren. Maar het politieke landschap is veranderd. Niet alleen landelijk moeten per onderwerp meerderheden gesmeed worden met gelegenheidscoalities, ook lokaal zijn na de laatste gemeenteraadsverkiezingen vele brede, soms zelfs zeer brede coalities ontstaan.

Welke politieke vaardigheid is in deze situatie het hardst nodig? Debattrainingen blijken in de praktijk nog het best te verkopen. Vorige week mocht ik er ook weer een geven, aan een klas met politiek-bestuurlijk talent. Het was nuttig en nodig (en erg leuk :)), maar niet voldoende. Een debat zou bedoeld moeten zijn om partijen met verschillende meningen naar elkaar te laten luisteren om tot de beste oplossing voor een probleem te komen. Maar helaas vinden debatten plaats in het openbaar, en in het zicht van de publieke tribune, de pers en de achterban is het lastig om al te erg van mening te veranderen. In verkiezingstijd word je er zelfs genadeloos op afgerekend: u draait!

Er moeten dus achter de schermen, in de wandelgangen en de besloten achterkamertjes goede discussies gevoerd worden. Maar omdat de kans in de politiek niet heel groot is dat mensen ook achter de schermen erg van hun politieke standpunten zullen afstappen, komt het vooral aan op goed onderhandelen.

Ah, jakkes, onderhandelen. Er hangen negatieve connotaties aan die term. Misschien alleen al door de acherkamertjes. Maar laten we eerlijk zijn: het openbaar bestuur kan niet zonder. En de uitkomst van een onderhandeling hoeft echt geen compromis te zijn, een net-niet-oplossing waar niemand echt blij mee is. Een mooi voorbeeld van hoe het wel kan stond zaterdag in de NRC. Staatssecretaris Eric Wiebes vertelt over hoe hij ogenschijnlijk tegengestelde standpunten wist te verenigen toen hij als wethouder in Amsterdam de VVD en GroenLinks op een lijn moest zien te krijgen over het parkeerbeleid. Ga er maar aan staan…

Wat deed Wiebes? “Ik heb niet de handboeken van GroenLinks, PvdA en VVD gepakt en gekeken waar ze elkaar overlapten. Dat is haalbaarheidsopportunisme. En op dit dossier waren ze volstrekt onverenigbaar. […]. Ik ging op zoek naar de diepere waarheid achter de verschillende standpunten. GroenLinks wilde namelijk niet dat mensen hun auto’s wegdeden. Ze wilden gewoon meer openbare ruimte. De VVD wilde niet per se nieuwe parkeerplaatsen, als bewoners kun auto maar kwijt konden.” Hij kreeg voor elkaar dat parkeerplaatsen van bedrijven ook door bewoners gebruikt konden worden. En dat alle partijen met opgeheven hoofd terug konden naar hun achterban met een voor iedereen verdedigbare oplossing. Door juist niet te doen wat in de verkiezingsprogramma’s stond.

Hopelijk zijn er meer bestuurders en politici die durven te onderhandelen op basis van waarden en de belangen achter de standpunten te leren onderzoeken. En is Wiebes’ afkeer van haalbaarheidsopportunisme aanstekelijk daar op het Binnenhof.

15 augustus 2013

De sinaasappel, of: hoe onderhandelt Rutte?

sinaasappelIn onderhandeltrainingen is het verhaal van de sinaasappel een klassiekertje. Voor wie hem nog niet kent: twee mensen maken ruzie over een sinaasappel die ze allebei willen. Compromis: doormidden met dat ding. Blijkt dat A alleen het sap wil en B alleen de schil. Niemand helemaal blij dus. De moraal van dit verhaal: vraag altijd door naar de belangen van de onderhandelaars. ‘De koek vergroten’, in onderhandeljargon.

Wat is het belang van het kabinet bij de onderhandelingen over de 3%-norm? Het belang van het land is het vast niet, want de boel wordt hier gewoon kapotbezuinigd. Niet dat ik vind dat iedereen inderdaad maar moet kopenkopenkopen om het kopen, consumentisme kan het antwoord toch niet zijn. Maar van het ‘aanpakken’ dat de VVD zo stoer beloofde in verkiezingstijd, komt bar weinig terecht. En van de PvdA hoeven we ook geen aandrang voor structurele veranderingen te verwachten, bang voor verkiezingen en verlies…

Toine Heijmans schrijft in zijn VK-column van vanmorgen dat Olli Rehn jarenlang verkoper is geweest van tweedehands auto-onderdelen in de zaak van zijn vader. En daar heeft hij heel goed leren onderhandelen… Hij heeft de koek kennelijk ergens goed weten te vergroten.

In Oostenrijk krijgen alle leraren aan lagere en middelbare scholen het recht om zich ‘professor’ te noemen. Een enorm statussymbool kennelijk, want de regering wist met deze toezegging jarenlange onderhandelingen over werktijden vlot te trekken. Een geweldig voorbeeld van de koek vergoten: er is geen sinaasappel vergeefs gesneuveld. Alle leraren gaan flexibeler werken én krijgen nieuwe visitekaartjes.

Kennelijk heeft Rehn bij Rutte (en Dijsselbloem?!) iets gevonden wat zijn ego dermate streelt dat hij ‘ja’ zegt tegen elke opgelegde norm. Wat zou dat kunnen zijn? ‘Hee, ho’ kunnen zeggen tegen de machtigste mensen van Europa? Een Brusselse managementcarrière in het vooruitzicht, waar hij als people manager ‘Hee, ho’end door eindeloze gangen met harder werkers mag lopen? Wie het weet…

 

 

 

24 juni 2012

Sympathiek interrumperen

Dames, we hebben het niet makkelijk. Zitten we in een vergadering waar mensen (meestal mannen…) eindeloos aan het woord zijn, hebben we iets verstandigs te melden, moeten we eerst een keuze maken voor wij interrumperen. Want wat vinden we belangrijker: dat anderen ons een hoge status toekennen of dat ze ons sympathiek vinden? Dat gaat namelijk vooral bij vrouwen kennelijk niet samen, blijkt uit onderzoek.

Ik zie twee strategieën om hiermee om te gaan. Strategie 1 is het overzichtelijkst: schijt aan hebben. Je hebt iets melden wat niet kan wachten, dus je interrumpeert de spreker. Dan maar niet aardig gevonden worden. Jij vindt vast ook niet iedereen aardig, dus wat is het probleem. Strategie 2 is die van de voorbereiding: goed weten wanneer en hoe je interrumpeert.

Hier volgt de spoedcursus! 

Wanneer interrumpeer je?

  1. Als je een vraag hebt die niet kan wachten. Bijvoorbeeld als je een betoog niet kunt volgen omdat je een begrip niet kent. Je neemt hiermee eigenlijk een lage status in: je stelt je kwetsbaar op omdat je iets niet weet. Spaarzaam mee omgaan, had je je maar beter moeten voorbereiden. Zal niet ten nadele van de sympathiefactor gaan. Tenzij je doel stiekem punt 2 is:
  2. Als je de spreker, al is het maar een beetje, te kakken wilt zetten. Als iemand onnodig jargon gebruikt, onkunde weg probeert te poetsen met chic taalgebruik, duur wil doen door namen van Belangrijke Mensen te noemt of onzin uitkraamt uit de categorie ‘wat nou opwarming van de aarde; het sneeuwt al een week’. Ik noem dit de blonde strategie (zie foto boven mijn blog, ik mag dat). Het verschil tussen 1 en 2 zit in de toon die je gebruikt, je reputatie (2 strategisch gebruiken, zoals bij ieder trucje kan dit tegen je keren) en in de perceptie van de ander.
  3. Als een ander jou te kakken zet. Dat hoef je niet te pikken natuurlijk.
  4. Als je oprecht boos wordt. Zie dit voorbeeld van Femke Halsema.
  5. Als je een drogreden wilt doorprikken. Een glijdende schaal, een ad hominem (zie 3), een post hoc ergo propter hoc, noem maar op. Hiervoor verwijs ik graag naar die prachtige debatwaaier van Thema ;).
  6. Als het betoog van de ander niet relevant is en de factor tijd meespeelt. Als de tijd beperkt is (in een sollicitatiegesprek) of de vergadering uitloopt en de voorzitter niet oplet (veel gemeenteraadsvergaderingen). Je bent dan de regisseur. Onderbreek de ander en vraag hem of haar om terug te keren naar het oorspronkelijke punt. Voor sympathiepunten: geef aan waarom je dit zegt: omdat de informatie niet nodig bijvoorbeeld, of omdat je je door de duur van de vergadering niet meer zo goed op alle belangwekkende punten kunt concentreren. In vergaderingen: geef aan een zijspoor graag een andere keer te willen agenderen, om het de aandacht te kunnen geven die het behoeft (als je dit meent tenminste. Anders organiseer je een saaie extra vergadering…).
  7. Als je in slaap zit te vallen of boodschappenlijstjes aan het maken bent. Hoe diplomatiek je moet zijn, hangt af van de situatie. Als je eerlijk feedback wilt geven, doe dit dan. “Ik vind het vervelend om dit te zeggen, maar ik merk dat ik mijn aandacht niet bij je verhaal kan houden. Zou je kort en bondig je punt willen maken?”.  Als je dit in een groep doet, zie of hoor je meestal wel mensen opgelucht reageren, iemand durft het te zeggen…
  8. Om je eigen punt te maken. Gebeurt in de politiek regelmatig: sla een brug tussen het betoog van de ander en jouw eigen verhaal. Mooi instrument hiervoor is bijvoorbeeld de retorische vraag. Bij een betoog over de noodzaak van een extra snelweg: ‘Vindt u niet ook dat mensen in dat gebied recht hebben op gezonde lucht? Kinderen die in de buurt van een snelweg wonen, hebben aantoonbaar meer last van astma. En helaas zijn de komende 20 jaar nog niet alle auto’s elektrisch’.

En hoe doe je het?

  1. Niet zo in ieder geval
  2. Zorg dat je de aandacht krijgt van degene die je wilt onderbreken of in een formelere setting die van de voorzitter van dienst. Dat doe je door deze persoon rechtstreeks aan te spreken. “Meneer X”, “Truus”, “Voorzitter”.
  3. Verhef je stem. Niet te hard, maar hard genoeg om gehoord te worden. Niets zieliger dan iemand die in de zijlijn sputtert om de aandacht te krijgen maar eigenlijk niet durft.
  4. Weet goed wat je wilt zeggen. De aandacht krijgen voor een mond vol tanden is niet zo handig…
  5. Heb lef!

In communicatietermen gaat het steeds over het verschil tussen de inhoud en het proces. Als je hiertussen effectief kunt schakelen en dat op een effectieve en beleefd/vriendelijke manier doet, dan sta je sterk. En dat geldt trouwens niet alleen voor vrouwen… Tot zo ver de theorie, een beetje een schriftelijke cursus dansen… Train jezelf hierin! Je weet me te vinden 😉

22 januari 2012

Mediatraining CDA

“Gezicht in de plooi! Nog een keer!”

“Het Radicale Midden, geweldige uitvinding!!!!”

“Mmm, het overtuigt nog niet helemaal. Maar we moeten nog zo veel partijleden opleiden, dit moet er maar mee door. Succes in uw afdeling.”

“Volgende kandidaat, moet straks naar een radio-interview.”

“Ah, mooi, dan hoeven we in ieder geval niet op pokerface te trainen. Geen trillinkjes in de stem in ieder geval aub. Zegt u mij maar na: “Het Radicale Midden, daar geloof ik helemaal in.”

“….”

“Tja, natuurlijk gaan ze vragen hoe je dit nu rijmt met het kabinetsbeleid. Zeg maar iets over compromissen en politieke realiteit. Klinkt altijd goed.”

“….”

“Dat moet je aan Wilders vragen hoor. Dat weet ik niet. Wij zeggen nu ‘verrijking’. Da’s radicaal namelijk. Wat zegt u? Compassie? *Proest* Doe niet zo soft zeg.”

“….”

“In 2040, dan gaan we onze beginselen waarmaken. Tot die tijd is het nog even wachten tot we echt radicaal mogen doen. En mochten ze lastig doen, het is wel de Vara natuurlijk. Die zijn toch niet voor ons. Daar kun je het dan toch altijd nog op gooien? Succes daar!”

“Volgende deelnemer. Verhagen? Sorry, orders van de partijtop. Daar investeren we niet meer in. Volgende!”

“Henk.”

“Henk wie? Ah, Bleker. Taai gevalletje. Leerdoel: overtuigend zeggen dat hij geen partijleider wil worden? Gaat iemand daar intrappen dan?”

8 september 2011

Thank you, Greece!

Teaching blog and column writing skills is a new treat for me! A bit challenging in English, though… But since I’m teaching at the Green Summer University in Frankfurt (Oder, nearly in Poland), it’s the chosen lingua franca. After many training sessions about serious texts, policy memos, press releases etc., this session is about playing with language. Forget the laws of structure, forget the obligatory W’s in the title: have an opinion and have fun with it.

The toolkit is ancient: rhetorical devices the Greeks came up with some 2400 years ago. When they invented democracy, dressed in their white sheets, pacing the Stoa. True, democracy was limited to the men. To those who were born in Athens. To those who were not a slave. But still, it was a start. For democracy, and for a collection of great ways to reach your audience: hyperboles, metaphores, anaphores, you name it.

The Greeks are not that popular at the moment, Eurowisely spoken. But we have to give their ancestors the credits for the rhetorical toolkit we still use today.

Here’s the prezi!

25 mei 2011

Debat in het onderwijs: er is hoop ;)

Nu we nog even tijd hebben voor de wereld alsnog vergaat, is het mooi om nog meer aandacht te besteden aan debatvaardigheden. Debatteren is ‘hot’! Niet alleen is er onlangs natuurlijk die prachtige debatwaaier uitgekomen ;), debatgoeroe Peter van der Geer heeft nu ook een debatboek voor het HBO uitgebracht. Dat werd gisteren feestelijk ‘onthuld’ met een conferentie in Nieuwspoort, in een zaal voor docenten (en in ieder geval één oud-hbo-docent dus). Een inspirerende bijeenkomst over nut en doel van debatteren, goed en verkeerd debatteren, debattrucs, noem maar op. Elbert Dijkgraaf, Kamerlid van de machtigste partij van Nederland (de SGP natuurlijk), nam het eerste exemplaar van het boek in ontvangst.

Zowel voor het debat als voor de SGP klonken hoopvolle berichten. Voor de SGP: Dijkgraaf meldde dat er zo veel jonge vrouwen actief zijn in de SGP, dat de toekomst daar wel vrouwvriendelijker moet worden (maar op een schaal van 0 tot 100…?). Voor de kwaliteit van het debat: doordat steeds meer scholieren en studenten leren debatteren om de inhoud van het debat (nadruk op Plato), zal hopelijk de het politieke debat weer meer om de inhoud dan om de vorm gaan (de Sofisten). Zodat debatteren niet alleen het uitventen van standpunten en oppoetsen van ego’s is nadat in de wandelgangen de zaken al lang gedaan zijn en het overtuigen van de ander uitgesloten is. Nieuwe politiek: eerst debatteren, dan onderhandelen!

14 mei 2011

Na twee dagen politiek personeelsbeleid: zin in… een wijntje!

Werk, werk, is dit werk? Twee heerlijke dagen achter de rug waarin al mijn ‘hobby’s’ prachtig bij elkaar komen. Gisteren een debattraining met een GroenLinks-fractie. Meteen weer een gelegenheid voor de schaamteloze reclame natuurlijk #debatwaaier ;). Maar vooral een gelegenheid om weer een groep met veel leuke & leerzame oefeningen aan het werk te zetten. Met de nadruk op: hoe ga je om met debattrucs, ook wel rattenstreken genaamd? (Voor het antwoord: zie de waaier natuurlijk). Het was mooi om te zien hoe de training niet alleen mensen handige instumenten opleverde, maar ook bijdroeg aan de teambuilding.

En vandaag: eerst een ochtend bij Zin in GroenLinks, onze talentenleergang. Fijne reacties als “Ik weet steeds beter waar ik tot mijn recht kom”, mooi, daar is het precies voor bedoeld! Onder de indruk van de activiteiten van de deelnemers: de mensen die ze spreken, de bijeenkomsten die ze bijwonen, helemaal geweldig. Helaas kon ik er niet de hele dag bijblijven, maar de deelnemers waren in prima handen bij de vier begeleiders Reneé, Marleen, Paul en Joa. Oja, de inschrijving voor de leergang van het najaar is open hoor!

In de middag door naar het Landelijk Bureau, de tweede bijeenkomst van de burgemeesterkandidaten. Een serieuze sollicitatiebegeleiding, met hopelijk als resultaat dat GroenLinks meer burgemeesters levert. Dit keer stonden de brieven en cv’s centraal. Complimenten voor de deelnemers, die zich kwetsbaar opstelden en elkaar goede feedback gaven.

Ik hoor het regelmatig en ben het er volledig mee eens: ik heb een leuke baan. Maar nu  heb ik eerst zin in een wijntje 😉

9 mei 2011

Schaamteloze reclame: debatwaaier!

Vol trots presenteer ik u: de Debatwaaier! Na een paar maanden schrijf- en vooral schrapwerk, drukproefcorrecties, lag ‘ie dan vanmorgen in de bus. En nu dus te krijgen in de betere boekhandel (wilde ik altijd al een keer schrijven) en via uitgeverij Thema.

Waarom een waaier?

  • Het scheelt een heleboel leeswerk. Wij hebben een heleboel boeken voor je samengevat.
  • Je hebt meteen een boel slimme citaten over debatteren.
  • Je kunt tijdens debatten makkelijk spieken.
  • En… echt het Unique Selling Point: je kunt jezelf er koelte mee toewaaieren tijdens verhitte debatten!

Tags:
30 maart 2011

Ademnood in cursussector

‘Het is een veelkoppig monster’, oordeelt de presentator van mijn favoriete ergerprogramma WNL. Hij heeft het over de cursussector, die onzinnige cursussen verkoopt omdat opleidingsbudget nu eenmaal op moet. (Ik tel af, waar blijven de Kamervragen van de PVV om keiharde aanpak van de opleidingsector?)

Bij de overheid betekent het in de praktijk dat mensen korte trainingen volgen omdat ze geen tijd hebben voor een langere opleiding (zie Binnenlands Bestuur). En die korte cursussen gaan bijvoorbeeld over het tegengaan van hoogtevrees (ambtenaren die in een hoog gebouw gingen werken) en twitteren (ambtenaren 1.0 naar 2.0).

Wij trainers moeten bescheiden zijn. Al jaren leert onderzoek dat van wat je leert, hooguit 10% blijft hangen. Dat komt doordat je niet leert tijdens een training, maar in de praktijk. Een training reikt in het beste geval de instrumenten aan om dat beter te kunnen. En zo’n instument moet maar net passen bij de leervraag van een deelnemer, oftewel: wanneer iemand denkt: “da’s handig!”. Als iemand toch al geen aandrang heeft om te twitteren, dan zal een training weinig bijdragen. Minstens zo belangrijk: krijgt iemand de kans om in de praktijk met nieuwe kennis en vaardigheden te oefenen? Een berucht voorbeeld: trainingen in nieuwe methoden die de leidinggevenden niet zien zitten. Zelf heb ik behoorlijk wat adviestrainingen gegeven die de deelnemers nuttig en inspirerend vonden, maar helaas, de praktijk… Trainingen werken zo contraproductief want zeer demotiverend.

Dit betekent dat organisaties (en heus niet alleen bij de overheid) veel zorgvuldiger met hun opleidingsbudget moeten omgaan. Beter kijken wat de vraag is, zowel van de deelnemers als de organisatie (en daar zit nogal eens een flink gat tussen!) hoe nieuwe kennis en vaardigheden in de organisatie passen. En zorgen voor tijd, zodat er tijd is voor langere cursussen. Die hebben als groot voordeel dat deelnemers tussen de bijeenkomsten kunnen oefenen met het geleerde en ‘in de klas’ kunnen sparren over hun bevindingen. Dit vergroot de kans aanzienlijk dat de inhoud van een opleiding beklijft.

‘Academies in ademnood’, kopt BB over de opleidingensector. Ook bij de GroenLinks-Academie werken we hard, maar ademnood is overdreven hoor. Wel bieden we steeds meer trainingen aan. Kort, dat wel. Maar vooral: toegepast (dus op basis van echte vragen) en zeer betaalbaar. Zie academie.groenlinks.nl. Tot zover deze advertentie 😉

10 maart 2011

GroenLinkse geschiedenisles

Een bijzondere avond gisteren: de eerste cursusavond over het gedachtegoed van GroenLinks. Een samenwerking tussen ‘mijn’ GroenLinks-Academie en het Wetenschappelijk Bureau. Een volle kerk (!) en drie gerenommeerde sprekers waren gisteren de hoofdingrediënten. Namens drie van de vier oorspronkelijke ‘bloedgroepen’ spraken en discussieerden onze ‘mastodonten’ (koosnaampje hoor) over de roots van GroenLinks. Herman Meijer, oud-CPN (wilde met iedereen samenwerken als het maar onder leiding van de CPN was), Bas de Gaay Fortman, PPR (AKSIE!) en Paulus de Wilt, PSP (20’ers die vooral bezig waren met politieke theorie) schetsten mooie tijdsbeelden, mooie bespiegelingen over hoe Groen en Links in de partijnaam kwamen en waarom de spatie daartussen verdween. Discussie was er vooral over het punt of GroenLinks nu wel of niet aansluiting moet zoeken bij de minder hoog-opgeleiden (met twee blonde kinderen in de bakfiets). Op de vraag over de toekomst van de partij verwoordde Paulus het mooi: GroenLinks is niet heilig, maar Groen en Links moeten er wel in blijven zitten wil ik me er thuis kunnen voelen!

15 februari 2011

Smile! De deurwaarder!

Gerechtsdeurwaarders zijn minder populair dan parkeercontroleurs en belastinginspecteurs… hoe ‘frame’ je dit beroep? Zijn het beulen die mensen zo maar uit hun huis zetten of zijn het de mensen die zorgen dat mensen die diensten verlenen, hun rekeningen betaald krijgen? Kwestie van perspectief…

Vijf jaar lang was ik de ‘hoftrainer’ van de deurwaarderopleiding. Toen ik daarvoor gevraagd werd (jazeker, de naam werd genoemd), schoten ook mij alle vooroordelen door het hoofd. Gelukkig heb ik het toch gedaan, ik heb vijf leuke en leerzame jaren gehad met enorm leuke studenten.

De communicatietrainingen gingen eigenlijk allemaal over slechtnieuwsgesprekken en omgaan met weerstand. Niet vreemd natuurlijk, gezien het beroep en het imago. In het stagejaar, als de studenten zelfstandig als deurwaarder werken, was (of is, dat weet ik eigenlijk niet meer…) de heftigste training: omgaan met agressie. Voor mij misschien wel de mooiste om te doen, juist omdat te leren is hoe je agressie vaak kunt voorkomen of wanneer het moment is om voor je eigen veiligheid te kiezen en weg te gaan.

Helaas is agressie lang niet altijd te voorkomen. Voorbeelden te over, helaas. En helaas hoorde ik maar al te vaak dat de politiek niet, laks of laat reageerde. Terwijl deurwaarders toch ook hun werk doen als openbaar ambtenaar, ‘in naam der koningin’ zelfs. Om agressie aan de kaak te stellen, zijn er nu tien deurwaarders op stap met een mini-camera. Om vast te leggen wat er gebeurt en hopelijk ook met een preventief effect. Ik ben heel benieuwd wat dit experiment oplevert. Het gaat wel ver. Want geweld is nog steeds wel de uitzondering, niet de regel. Of zou de camera alleen op en aan gaan bij beruchte debiteuren (de meeste deurwaarders kennen hun pappenheimers wel)?

Ik hoop dat er snel twee dingen gebeuren. Ten eerste: deurwaarders worden in dezelfde rijtjes genoemd als ambulancepersoneel, brandweer- en politiemensen (is geweld tegen hen erger?!). En ten tweede: meer trainingen. Geloof je mij niet, vraag het dan maar aan de oud-deelnemers!

30 januari 2011

Politieke ambitie en realiteit

De leergang Zin in GroenLinks is zijn derde jaar ingegaan met ruim 30 nieuwe deelnemers. Zij gaan de partij goed leren kennen en uitvinden hoe en waar hun talenten het best tot hun recht komen. En of ze talenten hebben: ze zijn zorgvuldig geselecteerd uit ruim 130 aanmeldingen.  Mijn eerste vraag aan de groep was: wie van jullie zou er graag lid willen worden van de Tweede Kamerfractie? Dat was toch al een aanzienlijk aantal. Niet ongebruikelijk tijdens deze leergang, maar gezien de actualiteit wel speciaal.

We weten het wel te mikken hoor… tijdens bijeenkomsten van eerdere leergangen was er toch meestal wel iets bijzonders aan de hand. Zo viel middenin het startweekend van vorig jaar het kabinet (zodat op het grote scherm niet de Olympische Spelen, maar Nova e.d. te zien waren). En de volgende keer speelden de onderhandelingen rond Paars Plus. En nu natuurlijk Kunduz. Je zal maar Kamerlid zijn en aan de ene kant (dixit Ferry Mingelen) zonder last of ruggespraak en aan de andere kant met een zeer uitgesproken achterban een besluit moeten nemen.De deelnemers én ikzelf hebben een bijzondere blik in de keuken mogen werpen, wat zeer duidelijk maakte dat het Kamerwerk echt niet alleen in tijdsinvestering, maar ook mentaal loodzwaar kan zijn.

Alle respect voor de fractie en vooral ook voor de heldere manier waarop zij communiceren over hun overwegingen. Zie bijvoorbeeld het interview met Ineke van Gent in de Volkskrant en het artikel van Arjan El Fassed op zijn weblog. Deze discussie gaat tot in de genen van GroenLinks, en dat zal de ook volgende week op het congres overduidelijk worden.

Zie overigens wederom voor een fijn verslag van het verdere verloop van het ZiGL-weekend het weblog van René Kerkwijk.  Op de foto: het Grote GroenLinks-GeschiedenisSpel.

22 januari 2011

Met dank aan Aristoteles

Mijn baan is vooral een kantoorbaan: praten, denken, typen… als de kans zich voordoet om zelf een training te geven, dan grijp ik die dan ook met beide handen aan. Vandaag een dag gewerkt met een groep kandidaat-statenleden, die zich vanaf nu volop in de campagne gaan storten. Op het programma: persoonlijke presentatie en debatteren, eigenlijk twee reguliere trainingen in één… Daarom: vooral terug naar de basis: ethos, logos en pathos. Goed om GroenLinksers uit hun ‘natuurlijke habitat’, de logos, te verleiden. In een levend kernkwadrant ontstond een prachtige discussie tussen de kwaliteit (inhoudelijkheid) en de allergie (populisme). De valkuil (compex geneuzel) moest er eerst nog eens goed over nadenken en de uitdaging (kort & krachtig) had niet veel tekst nodig. Kortom: mijn held Aristoteles en mijn favoriete dramatechnieken zijn allebei aan bod gekomen. Mocht me lekker uitleven. En dat is werk… 😉

NB: ook dank aan Daniël Ofman voor de kernkwadranten inderdaad!

13 januari 2011

Nieuw: waaier Leren Debatteren

Even reclame maken: in maart verschijnt de waaier Leren Debatteren bij uitgeverij Thema. Met ondergetekende als een van de auteurs! Ik schud mijn hoofd leeg om alles wat ik tijdens de trainingen vertel, in een handzame vorm te krijgen. Een waaier kan een training niet vervangen natuurlijk, dat zou net een schriftelijke cursus dansen zijn. Maar handig wordt ‘ie wel! Zijn er dingen die jij graag in zo’n waaier zou willen terugzien, stuur me dan ajb een mail via liesbeth at tettero punt com. Zie ook de site van Thema.

28 september 2010

Improv verovert de wereld

Mijn tweets van vorige week riepen nogal wat vragen op: cryptische opmerkingen in het Engels en de # AIN10. Vier dagen lang heb ik mezelf ondergedompeld in de wereld van de toegepaste improvisatie. Een conferentie met professionals uit meer dan 100 landen: trainers, coaches, acteurs, consultants, allemaal mensen die werken met toegepaste improvisatie. Aan de oppervlakte zijn dat bijvoorbeeld games van theatersport, maar daar liggen lagen en lagen aan communicatieprincipes onder. Ze klinken simpel, maar zijn in de praktijk toch best ingewikkeld. Accepteren, uitgaan van wat er in het hier en nu is (dus geen ‘ja maar’ maar ‘ja en’), het is de basis voor een mooie improvisatiescène op het podium en voor goede communicatie.

Wil je meer weten, kijk eens op de website van AIN, het Applied Improvisation Network.

6 juni 2010

Wij maken reclame

Voice Dialogue is een coachingmethode die je laat kennismaken met je vele gezichten. Die helpt om te snappen waarom het zo moeilijk is om je aan je goede voornemens te houden. En waarom je toch steeds weer op die ene manier op iemand reageert. Ik heb met voice dialogue leren werken tijdens een jaaropleiding over dramatechnieken in training en coaching. Ik werk er nu met plezier mee. Als oefenvorm in training en coaching, maar ook als ‘bril’ om door te kijken naar wat er met mijzelf en om mij heen gebeurt.

Daarom maken ik en mijn ikken in deze blog schaamteloos reclame voor het boek van mijn docenten Judtih Budde en Berry Collewijn: Ik (k)en mijn ikken. Een vrolijk geschreven boek met aansprekende voorbeelden. En wil je kennismaken met voice dialogue, bel gerust ;)!

4 juni 2010

Welk konijn…

Een filmpje over Marinus Knoope, omdat ik nog zo vol ben van gisteren. Het konijn dat hij even noemt is een voorbeeld waarover ik gisteren zo hard moest lachen: ‘Welk moe konijn gaat hollen? Welk gestresst konijn gaat rustig zitten?’

3 juni 2010

Werk niet aan jezelf

Een heerlijke dag hersengymnastiek en inspiratie: de Dag van de Coach. Met 599 andere coaches in een conferentiecentrum, een beurs met bedrijven die coachingopleidingen (nee dank u), boeken (zelfbeheersing… maar één gekocht) en coaching- en traininggoodies (kaarten, spellen, nog een gevalletje zelfbeheersing…). Met sprekers en workshops. En goeroes: Marinus Knoope, Daniël Ofman, Roos Vonk.

Ofman en Knoope spraken over hun modellen, de Creatiespiraal en de Kernkwadranten. Verplichte kost voor trainers en coaches. Ofman rationeel en Knoope uitbundig expressief. De dominee en de clown, zoals ze zelf constateerden. Toch hadden ze het over hetzelfde: werk niet aan jezelf. Neem afstand van je emoties, vereenzelvig je er niet mee. Uit het inzicht dat je dan krijgt, komt het verlangen naar verandering. Of de verandering zelf. Ofman protesteerde tegen de technische benadering van persoonlijke verandering. Mensen zijn geen logische, veranderbare systemen! En hij legde (bewust? Hij noemde het niet bij naam) de link met Geweldloze Communicatie: emoties zijn een indicatie van een onvervulde behoefte. Als je die behoefte kent, dan kun je er zelf voor zorgen. Dat is autonomie. Volgend jaar Marshal Rosenberg ook naar Nederland halen dan maar?

Lees ook dit interview met Ofman in MT.

%d bloggers liken dit: